Oorzaken van vallen

Soms lijkt het moeilijk te achterhalen wat een val nu precies veroorzaakt.
En dat is ook zo, want een valpartij is vaak te wijten aan verschillende risicofactoren.
Hieronder  kan je doorklikken naar de 11 meest voorkomende oorzaken, namelijk:

Stoornis in spierkracht, evenwicht, gang en/of mobiliteit

Bij het ouder worden treedt er sarcopenie op, nl het verlies aan spiermassa. Zo verliest men meer dan 50% aan spiermassa tussen het 20ste en het 90ste levensjaar. 
Verder veroorzaakt de degeneratie van het zenuwstelsel en het aftakelen van de ogen, een verstoring in het evenwicht en balans. De 3 evenwichtsorganen moeten opnieuw leren zich beter op elkaar af te stemmen. Voldoende bewegen is dus de boodschap! Oefeningen op maat door kine en ergo kunnen hierbij helpen.

Verminderd zicht

Als je ouder wordt, gaat het zicht vaak achteruit. Problemen zoals een verminderde gezichtsscherpte, diepteperceptie en contrastgevoeligheid vergroten het risico op vallen. Je valt dan sneller doordat je bijvoorbeeld een obstakel op de grond over het hoofd ziet. Draag daarom zorg voor jouw ogen door enkele eenvoudige tips: draag een bril als je er een nodig hebt, leen geen bril van iemand anders en reinig dagelijks uw brilglazen.
Indien u kampt met problemen aan de ogen neemt u best contact op met uw oogarts.

Risicogedrag en een onveilige omgeving

Er is een verhoogd valrisico bij energieke ouderen die de neiging hebben om meer risicovol gedrag te stellen (bv. zich haasten, onvoldoende waakzaam zijn tijdens het wandelen, het onjuist gebruiken van een loophulpmiddel, op sokken lopen…). 
Ook een onveilige omgeving is een grote risicofactor. Denk maar aan loshangende kabels, opkrullende tapijten en inadequate verlichting. 
De ergotherapeut kan jou helpen bij het herinrichten van jouw ‘veiligere thuis.’

Duizeligheid / Orthostatische Hypotensie

Orthostatische hypotensie wordt gekenmerkt door duizeligheid, draaierigheid en een te grote bloeddrukdaling bij het rechtkomen of na het eten (postprandiale hypotensie). Het verhoogde valrisico wordt hier veroorzaakt door de impact van de bloeddrukdaling op de posturale controle. De oorzaak kan men oa. vinden bij cardiovasculaire aandoeningen of als nevenwerking van bepaalde geneesmiddelen. Tips om duizeligheid te voorkomen zijn: genoeg drinken en bewegen, een niet te warme omgeving, bruuske bewegingen en zware maaltijden vermijden, en langzaam opstaan uit bed of zetel.

Cognitieve stoornis

Het kan zijn dat de cognitieve toestand is aangedaan door zaken als dementie, een delirium of een depressie. Hierdoor is er een groter risico op vallen door een verlaagde therapietrouw (adviezen en behandeling), een vertraagde reactietijd en het gebruik van antidepressiva die een versuffende werking hebben.
Het kan zijn dat deze risicofactor niet helemaal te behandelen is, maar door het aanpassen van de omgeving en/of veranderen van de therapieaanpak kan men de risico’s doen dalen.

Onaangepast schoeisel

Het dragen van onaangepast schoeisel heeft invloed op het evenwicht en verhoogt het risico op uitglijden, struikelen of vallen. Probeer steeds aangepast schoeisel te dragen die het valrisico verkleinen. Kenmerken hiervan zijn: een hakhoogte lager dan 2.5cm, een groot oppervlaktecontact tussen schoen- en voetzool, een zool die niet te glad of te stroef is, een niet te smalle voetpunt en een goed omsloten schoen.

Urine incontinentie

Men kan het onderscheid maken tussen enerzijds stressincontinentie (urineverlies bij hoesten, niezen,…), drangincontinentie (plots naar het toilet moeten) en nocturie (‘s nachts opstaan om naar het wc te gaan). Deze zijn een valrisico omdat men zich plots moet haasten naar het toilet met een snelle verandering van lichaamspositie. Men kan deze risicofactor behandelen door de omgeving aan te passen, de oorzaak aan te pakken door bv. blaastraining en training van de bekkenbodemspieren.

Valangst

Schrik hebben om te vallen kan een gezonde bekommernis zijn als het het opzoeken van gevaren gaat vermijden (bv. buiten fietsen bij ijzel en vriesweer). Anderzijds kan het een verlammende bezorgdheid worden als men ‘normale’ activiteiten gaat ontwijken. Dit kan leiden tot sociaal isolement, depressie, nog minder beweging en dus opnieuw een grotere kans om te vallen. Op korte termijn kan een oefenprogramma met specifieke evenwichtstraining de valangst doen verminderen. 

Laag vitamine D gehalte / Ondervoeding

Gezonde voeding is belangrijk om je spieren en beenderen sterk te houden. Eet voldoende voeding die rijk is aan calcium en vitamine D zoals vis, melkproducten, broccoli… Vaak kan een extra supplement aan vitamine D en calcium het risico op fracturen sterk verminderen.
Wees matig met alcohol en rook niet, want roken verhoogt het risico op broze botten.

Pijn

Pijn beïnvloedt mogelijks het vertrouwen in het evenwicht en de aanpak van valproblemen. Vooral chronische pijn en voetklachten verhogen voornamelijk het valrisico. Denk maar aan bv. eeltknobbels, teenafwijkingen en ingegroeide nagels. Deze kunnen allemaal een impact hebben op het gang- en bewegingspatroon. Pijn kan bovendien leiden tot een verminderde slaap, wat overdag leidt tot meer vermoeidheid en sufheid. 
Pijn kan zowel medicamenteus als niet-medicamenteus worden aangepakt.

Overmatig medicatiegebruik

Het is belangrijk de correcte inname van geneesmiddelen op te volgen. Doordat je lichaam verandert bij het ouder worden wijzigt vaak de werking van de geneesmiddelen. 
Inname van 4 of meer verschillende soorten of risicovolle medicatie (anti-depressiva, anti-psychotica, benzodiazepines) is een risicofactor. Samen met de arts kan gekeken worden om bepaalde geneesmiddelen gradueel af te bouwen.